Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Koninklijk Conservatorium Antwerpen
campus Desguinlei
Desguinlei 25 - 2018 Antwerpen
T +32 3 244 18 00 - F +32 3 238 90 17
conservatorium@ap.be
Ensemble 5 (jazz/muziekeducatie)8431/1720/1920/1/02
Studiegids

Ensemble 5 (jazz/muziekeducatie)

8431/1720/1920/1/02
Academiejaar 2019-20
Komt voor in:
  • Educatieve master muziek en podiumkunsten
    Keuzeoptie van afstudeerrichting:
    • Instrument (jazz) binnen Muziek
  • Master in de muziek, trajectschijf 5
    Keuzeoptie van afstudeerrichting:
    • Instrument (jazz) (optie muziekeducatie) binnen Jazz / Lichte muziek
    • Zang (jazz) (optie muziekeducatie) binnen Jazz / Lichte muziek
In andere opleidingen:
  • Master in de muziek als Ensemble 5 (jazz)
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 6 studiepunten
Titularis: Smedts Els
Andere co-titularis(sen): Braeckman Hendrik, de Haas Jan, Mentens Chris, Thys Nicolas, Vanderstraeten Bénoit, Van Herck Kurt, Verbist Peter, Verbruggen Teun, Wiernik Barbara
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Academiejaar
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 31.10.2019 (Academiejaar)
Tweede examenkans: niet mogelijk.
Delibereerbaarheid: Voor dit opleidingsonderdeel moet je slagen (wordt nooit gedelibereerd).
Totale studietijd: 180,00 uren

Volgtijdelijkheid

geslaagd voor Ensemble 4 (jazz).

Begincompetenties (tekst)

Beantwoorden aan de eindcompetenties van Ensemble 4 (jazz/muziekeducatie).

Eindcompetenties (tekst)

Ensemble is erop gericht technieken aan te leren eigen aan het musiceren in ensemble en het ontwikkelen en uitbreiden van de repertoirekennis. Het stelt de student eveneens in staat om leerinhouden uit de hoofdvakles praktisch toe te passen. In de Masters ligt het accent op het verfijnen en verdiepen van het samenspel en het uitbouwen van een persoonlijk repertoire. De ensembles worden gestimuleerd om publieke concerten te geven.

OLR-Leerdoelen (lijst)

1.1         De student verbreedt en verdiept op zelfstandige basis zijn repertoire gerelateerd aan zijn vakgebied.
De student is in staat bestaand repertoire met de groep te personaliseren en een eigen persoonlijk groepsrepertoire te creëren.
1.3         De student kan een sturende rol opnemen in een ensemble.
De student heeft diepgaand begrip van de interactie tussen de verschillende instrumenten en kan deze mee sturen.
De student heeft diepgaand begrip van de rol van zijn eigen instrument t.o.v. andere instrumenten en in functie van het samenspel en kan deze rol sturen
De student kan vanuit een doorgedreven luistervaardigheid het ensemble mee sturen
De student toont gepast muzikaal leiderschap binnen de groep.
1.5         De student kan door middel van een artistieke dialoog zijn publiek beroeren.
De student kan het artistiek concept van de groep overbrengen op het publiek.
2.1         De student heeft een grondige beheersing van de muzikale parameters en structuren.
De student is in staat het groepsgeluid en de muzikale groepsdynamiek substantieel te verbeteren en mee te personaliseren.
De student is in staat om de groepstiming substantieel te verbeteren en mee te personaliseren
2.2         De student bouwt expertise op door organisatie en zelfstudie.
De student toont doorgedreven zelfstandigheid bij het opbouwen en verinnerlijken van expertise
3.1         De student kan zijn sociale- en communicatieve vaardigheden aanwenden om leiding te nemen.
De student toont gepast muzikaal leiderschap binnen de groep.
3.2         De student werkt samen (met andere kunstdisciplines) aan de realisatie van een eigen artistiek concept.
De student realiseert een eigen artistiek groepsconcept al dan niet over de kunstdisciplines heen.
3.3         De student positioneert zich binnen een interculturele en internationale context.
De student gaat actief op zoek naar interculturele en/of internationale samenwerkingsvormen

Leerdoelen

De student:
1. Bezit de expertise om in een internationale context een eigen artistiek concept uit te drukken

Door deelname aan internationale ensembleprojecten en/of internationale masterclasses verwerft de student een uitgebreide internationale vakkennis

1.1 verbreedt en verdiept op zelfstandige basis zijn repertoire gerelateerd aan zijn vakgebied.

De student is in staat bestaand repertoire met de groep te personaliseren en een eigen persoonlijk groepsrepertoire te creëren.

1.3 kan een sturende rol opnemen in een ensemble.

De student heeft diepgaand begrip van de rol van zijn eigen instrument t.o.v. andere instrumenten en in functie van het samenspel en kan deze rol sturen
De student heeft diepgaand begrip van de interactie tussen de verschillende instrumenten en kan deze mee sturen.
De student kan vanuit een doorgedreven luistervaardigheid het ensemble mee sturen

1.5 kan door middel van een artistieke dialoog zijn publiek beroeren.

De student kan het artistiek concept van de groep overbrengen op het publiek.

2.1 heeft een grondige beheersing van de muzikale parameters en structuren
De student is in staat het groepsgeluid en de muzikale groepsdynamiek substantieel te verbeteren en mee te personaliseren.
De student is in staat om de groepstiming substantieel te verbeteren en mee te personaliseren

2.2 bouwt expertise op door organisatie en zelfstudie.
De student toont doorgedreven zelfstandigheid bij het opbouwen en verinnerlijken van expertise.

3.1 kan zijn sociale- en communicatieve vaardigheden aanwenden om leiding te nemen.
De student toont gepast muzikaal leiderschap binnen de groep.

3.2 werkt samen (met andere kunstdisciplines) aan de realisatie van een eigen artistiek concept
De student realiseert een eigen artistiek groepsconcept al dan niet over de kunstdisciplines heen.

3.3 positioneert zich binnen een interculturele en internationale context.
De student gaat actief op zoek naar interculturele en/of internationale samenwerkingsvormen
De student verwerft interculturele competenties en persoonlijke groei

Leerinhoud

In de ensembleles worden volgende aspecten van het samenspel bestudeerd en geoefend:
* Rol van eigen instrument t.o.v. andere instrumenten en in functie van het samenspel
* Interactie tussen de verschillende instrumenten
* Repertoirekennis
* Groepsgeluid
* Muzikale groepsdynamiek
* Vormgevoel
* Tempovastheid
* Uit het hoofd spelen (auditieve en melodische geheugentraining)
* Stijlvariatie
* Prima vista in groep
* Het leren leiden van een groep
* Het trainen van podiumvastheid en podiumervaring

Studiematerialen (tekst): Aanbevolen

* Partituren
* CD’s
Opnames van ensemblerepetities

Onderwijsorganisatie

Werkvormen
Artistieke praktijk60,00 uren
Werktijd buiten de contacturen120,00 uren

Toetsing (lijst)

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
AcademiejaarArtistieke praktijk30,00
AcademiejaarVaardigheidstoets artistiek70,00

Toetsing (tekst)

Evaluatievormen: Het examen bestaat uit een concert van het ensemble met een repertoire van 3 nummers, waarbij de nummers moeten variëren in stijl, tempo, toonaard. De student legt een examen af in januari en juni. Ieder examen telt voor de helft van het totaal aantal punten. 30% van de punten worden via permanente evaluatie gegeven en 70% op het examen zelf. De studenten die het ensemble vormen worden elk afzonderlijk beoordeeld.

Evaluatienormen: De student is geslaagd wanneer de verschillende elementen van het samenspel zoals opgesomd onder ‘competenties’ voldoende aanwezig zijn en het niveau van de uitvoering beantwoord aan de verschillende criteria om door te stromen naar het volgende studiejaar. De student moet minstens 50% van het totaal aantal punten behalen.