Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Gezondheid en Welzijn
campus Spoor Noord Noorderplaats
Noorderplaats 2 - 2000 Antwerpen
gw@ap.be
Intercultureel (ped)agogisch handelen 624111/1690/1920/1/26
Studiegids

Intercultureel (ped)agogisch handelen 6

24111/1690/1920/1/26
Academiejaar 2019-20
Komt voor in:
  • Bachelor in de orthopedagogie, trajectschijf 3
    Keuzeoptie:
    • Intercultureel werk
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 6 studiepunten
Men kan dit opleidingsonderdeel niet volgen binnen een
  • examencontract (met het oog op het behalen van een creditbewijs).
  • examencontract (met het oog op het behalen van een diploma).
Titularis: Defieuw Mieke
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Semester 2
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 09.03.2020 (2de semester)
Tweede examenkans: wel mogelijk.
Tolereerbaarheid: Dit opleidingsonderdeel is tolereerbaar onder de voorwaarden van de opleiding waarvoor je bent ingeschreven.
Totale studietijd: 156,00 uren

Volgtijdelijkheid

((binnen trajectschijf 1 al minstens 60 studiepunten afgewerkt hebben EN (geslaagd of getolereerd voor Orthopedagogiek 3 OF geslaagd of getolereerd voor Orthopedagogiek - afstands/blended 3) EN geslaagd of getolereerd voor Orthopedagogische methoden en technieken 3)) OF ((binnen trajectschijf 1 al minstens 60 studiepunten afgewerkt hebben EN (geslaagd of getolereerd voor Ortho-agogiek 3 OF geslaagd of getolereerd voor Ortho-agogiek - afstands/blended 3) EN geslaagd of getolereerd voor Ortho-agogische methoden en technieken 3)) OF (binnen trajectschijf 1 al minstens 60 studiepunten afgewerkt hebben EN geslaagd of getolereerd voor (Ortho)(ped)agogisch handelen/5 EN geslaagd of getolereerd voor (Ortho)(ped)agogisch handelen-teamwerk/6).

Korte omschrijving

In dit opleidingsonderdeel wordt specifiek ingezoomd op het actief betrekken van culturele en migratieprocessen bij de analyse van situaties in een ondersteunings-, begeleidings- of en hulpverleningscontext bij mensen van cultureel diverse origine. Studenten verdiepen zich in verschillende (ook andere dan de eigen) referentiekaders, meer specifiek zingevingskaders, waarden- en normenkaders, opvoedingskaders, … Er worden tools (instrumenten, methodieken, technieken) aangereikt om cliënten op een cultuursensitieve manier te ondersteunen en om culturele verschillen op een effectieve manier te overbruggen.

Begincompetenties (tekst)

- De student past de spellings- en grammaticaregels correct toe in verslaggeving.
- De student refereert conform de APA- normen.

OLR-Leerdoelen (lijst)

De PBA orthopedagogie ondersteunt, begeleidt, organiseert en coördineert wonen, werken, leren en vrije tijd in de dagdagelijkse context. Hij doet dit op een methodische en duurzame wijze, met aandacht voor creativiteit en innovatie. Hij neemt bewust initiatieven om de ontwikkelingskansen en kwaliteit van leven/bestaan te garanderen.
De student integreert verschillen in kennisniveau, betekenisverlening en behoeften- en waardenhiërarchie in het (ped)agogisch handelen.
De student maakt gebruik van verschillende aangereikte tools om bij specifieke casussen cultuurverschillen op een effectieve manier te overbruggen.
De student organiseert en ondersteunt processen in het dagelijkse leven op een cultuursensitieve manier.
De PBA orthopedagogie draagt op micro-, meso- en macroniveau actief bij tot begrip en betrokkenheid aangaande beroepsgerelateerde ethische, normatieve en maatschappelijke vragen. Hij handelt vanuit universele rechten en waarden.
De student analyseert interculturele situaties vanuit het diversiteitsdenken en vanuit een brede visie op interculturele communicatie.
De student integreert rechtenkaders en de verblijfsrechtelijke positie van de cliënt in zijn/haar (ped)agogisch handelen.
De student spreekt respectvol over verschillen in levensbeschouwing, vormen van magisch denken en bijgeloof, verschillende opvoedingswaarden en - kaders.
De student verwoordt op welke wijze verschillende mogelijke mens- en wereldbeelden de betekenisverlening en wijze van probleemoplossing van mensen kunnen beïnvloeden.
De PBA orthopedagogie stuurt zijn (ortho)(ped)agogisch handelen bij aan de hand van kritische (zelf)reflectie, actuele inzichten uit wetenschappelijk onderzoek en regionale, Europese en internationale evoluties.
De student maakt gebruik van informatie uit documentatie- en expertisecentra inzake interculturaliteit en migratie en van gefundeerde cultuurspecifieke informatie om het (ped)agogisch handelen voor de eigen casus te optimaliseren.
De student verwoordt de eigen mogelijkheden, grenzen en beperkingen in intercultureel contact (op vlak van verbale en non-verbale communicatie, omgaan met eigen angsten, omgaan met eigen vanzelfsprekendheden en stereotype beelden,erkennen van andere zingevingskaders, ...).
De student zoekt actief situaties op waarin hij/zij kan evolueren m.b.t. de eigen angsten, weerstanden en blinde vlekken in intercultureel contact.
Hij draagt bij tot de analyse van de ondersteuningsvraag en begeleidt op actieve wijze mee het proces van handelingsplanning. Op basis van zijn (ortho)(ped)agogische kennis selecteert de PBA orthopedagogie doelen en geschikte methodes in overleg met de belanghebbenden.
De student verkent actief culturele en migratieprocessen bij het analyseren van de situatie en/of de ondersteuningsvraag van de cliënt.
De PBA orthopedagogie werkt (interdisciplinair) samen en communiceert, ook in complexe en gespecialiseerde contexten, helder en respectvol met zijn cliënt, het cliëntsysteem, collega’s en externen.
De student hanteert duidelijke taal ten aanzien van de cliënt (o.m. afgestemd op het (voor)kennis- en taalniveau).
De PBA orthopedagogie ondersteunt de cliënt in het kwalitatief en duurzaam versterken van zijn netwerken, om het welzijn en de maatschappelijke participatie te vergroten.
De student brengt hulpbronnen in het netwerk van de cliënt in kaart, ook diegene die vanuit zijn/haar eigen referentiekader minder vanzelfsprekend zijn (hulpbronnen in de ruimere familie, zelforganisaties, hulpbronnen binnen de eigen levensbeschouwelijke groep, ...).

Leerinhoud

- Invloed van mens- en wereldbeelden op de verklaring van ziekte en gezondheid, gezins- en familiestructuren, opvoedingswaarden en – kaders, betekenisverlening aan allerhande leef- en probleemsituaties en de wijze van probleemoplossing
- Levensbeschouwelijke kaders, magisch denken en volksgeloof
- Invloed van migratiewijzen en – processen op opvoeden, identiteitsvorming en relaties
- Invloed van rechtenkaders en van de verblijfsrechtelijke positie van migranten op ondersteuning/begeleiding/hulpverlening aan mensen in een migratiesituatie
- Kansen en uitdagingen van intercultureel contact en mogelijkheden om daarin te evolueren
- Gebruik maken van duidelijke taal
- Interculturele gespreksvoering ( o.m. interculturele gesprekstechnieken en hanteren van herkenbare, cultuursensitieve non-verbale tools)
- Ondersteunende instrumenten/technieken/methodieken bij intercultureel (ped)agogisch handelen
- Ondersteunende diensten en expertisecentra inzake diversiteit, interculturaliteit, cultuurspecifieke informatie en migratie
- Inzetten van ervaringsdeskundigheid en samenwerking met eigen organisaties van mensen in een migratiesituatie en/of van mensen met een specifieke etnisch-culturele achtergrond
- Cultuurgebondenheid van hulpverleningsmethodieken en opvoedingsprogramma’s
- Omgaan met anderstaligheid en werken met (sociaal) tolken en vertalers

Studiematerialen (tekst): Verplicht

- Reader ‘Intercultureel (ped)agogisch handelen’ (2019-2020)
- Studiewijzer
- Digitale leeromgeving met deels verplicht en deels facultatief te gebruiken studiematerialen (wordt per studiemateriaal aangegeven)
- Notities en analyses van eigen ingebrachte interculturele situaties uit stage en werkplekleren

Onderwijsorganisatie

Examentijd
Voorziene tijd voor toetsing3,00 uren
Werkvormen
Hoor- en/of werkcolleges22,00 uren
Practicum en/of oefeningen6,00 uren
Werkplekleren en/of stage40,00 uren
Werktijd buiten de contacturen85,00 uren

Toetsing (lijst)

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
AcademiejaarVaardigheidstoets hands off60,00De student maakt schriftelijk een grondige analyse van een interculturele situatie en beschrijft een gefundeerde aanpak ervan.
Toetsmethode: Casus
Bron: Open boek
Toetsmedium: Schriftelijk
Toetsmoment: Momentopname na proces
Beoordelaar: Lector
Clausule voor taal: Voor taal- en vormfouten worden er binnen de opleiding orthopedagogie tot 4 punten afgetrokken op schriftelijke opdrachten .
1pt: Afspraken rond de opdracht (met bronvermelding)
1pt: Tekststructuur (& lay-out)
1pt: Formulering: doelgerichte, professionele schrijfstijl
1pt: Correcte taal

Deelname aan de practica (6 u) is verplicht. De student verwittigt de lector ten laatste op de dag van de afwezigheid en wettigt de afwezigheid binnen de 4 werkdagen aan de hand van een medisch attest via de module ‘Mijn afwezigheden’ in iBaMaFlex. De student die gewettigd afwezig is of later is ingeschreven, neemt voor elke afwezigheid zelf het initiatief om een vervangopdracht te vragen. Dit gebeurt per mail, ten laatste twee weken na de datum van de afwezigheid. Wanneer de student niet tijdig de vervangta(a)k(en) vraagt of indient en/of de vervangta(a)k(en) niet volgens de opgelegde criteria uitvoert, zal dit leiden tot een verlies van 1,5 punt per niet deelgenomen practicum van 3 uur op de hands off vaardigheidstoets. De student die ongewettigd afwezig is op de practica, verliest 1,5 punt per gemist practicum van 3 uur op de hands off vaardigheidstoets.
AcademiejaarVaardigheidstoets simulatie40,00De student participeert aan een gesimuleerd teamoverleg tussen studenten over de interculturele situaties die daar door eenieder worden ingebracht. De student wordt beoordeeld op basis van het inbrengen van toepasselijke leerinhouden in het overleg en op het verworven hebben van de specifieke leerdoelen die via deze simulatie vaardigheidstoets worden getoetst.
. Individueel punt
. Toetsmethode: Casus
. Bron: Gesloten boek
. Toetsmedium: Mondeling
. Toetsmoment: Momentopname op examen
. Beoordelaar: Lector
Evaluatie(s) voor de tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Tweede examenperiodeVaardigheidstoets hands off60,00De student maakt schriftelijk een grondige analyse van een interculturele situatie die anders is dan de uitgewerkte situatie in de eerste examenperiode en beschrijft een gefundeerde aanpak ervan.
Toetsmethode: Casus
Bron: Open boek
Toetsmedium: Schriftelijk
Toetsmoment: Momentopname na proces
Beoordelaar: Lector
Clausule voor taal: Voor taal- en vormfouten worden er binnen de opleiding orthopedagogie tot 4 punten afgetrokken op schriftelijke opdrachten .
1pt: Afspraken rond de opdracht (met bronvermelding)
1pt: Tekststructuur (& lay-out)
1pt: Formulering: doelgerichte, professionele schrijfstijl
1pt: Correcte taal
Tweede examenperiodeVaardigheidstoets simulatie40,00De student participeert aan een gesimuleerd teamoverleg tussen studenten over de interculturele situaties die daar door eenieder worden ingebracht. De student wordt beoordeeld op basis van het inbrengen van toepasselijke leerinhouden in het overleg en op het verworven hebben van de specifieke leerdoelen die via deze simulatie vaardigheidstoets worden getoetst.

Als er geen andere studenten zijn die voor het opleidingsonderdeel opnieuw geëvalueerd moeten worden, dan wordt het gesimuleerd teamoverleg vervangen door een mondelinge toets waarbij de lector zelf een aantal interculturele situaties inbrengt.
. Toetsmethode: Casus
. Bron: Gesloten boek
. Toetsmedium: Mondeling
. Toetsmoment: Momentopname op examen
. Beoordelaar: Lector.