Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Koninklijk Conservatorium Antwerpen
campus Desguinlei
Desguinlei 25 - 2018 Antwerpen
T +32 3 244 18 00 - F +32 3 238 90 17
conservatorium@ap.be
Masterproef Kunsteducatief project32797/1823/1920/1/24
Studiegids

Masterproef Kunsteducatief project

32797/1823/1920/1/24
Academiejaar 2019-20
Komt voor in:
  • Educatieve master muziek en podiumkunsten, trajectschijf 5
  • Verkorte educatieve master muziek en podiumkunsten
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 9 studiepunten
Titularis: De bisschop An
Andere co-titularis(sen): Bruynseels Els, Caluwaerts Sanne, Gordon Natalie
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Academiejaar
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 31.10.2019 (Academiejaar)
Tweede examenkans: niet mogelijk.
Delibereerbaarheid: Voor dit opleidingsonderdeel moet je slagen (wordt nooit gedelibereerd).
Totale studietijd: 270,00 uren

Volgtijdelijkheid

Op dit opleidingsonderdeel is er geen volgtijdelijkheid van toepassing.

Korte omschrijving

Tijdens inleidende én verdiepende lessen in de bachelor- en masteropleidingen (o.m. in de opleidingsonderdelen research, artist in society, diversiteit & groepsmanagement en
oriënteringsstage) maken de studenten uitgebreider kennis met onderzoek, het kunsteducatieve veld en methodieken voor kunsteducatie. Vervolgens formuleren zij een onderzoeksvraag in een projectvoorstel. Bij goedkeuring door de titularis(sen) en onderzoeksverantwoordelijke zetten zij (al dan niet in samenwerking met collega-studenten en eventueel domeinoverschrijdend) een kunsteducatief project op poten met een specifieke doelgroep. Daarbij kan zowel onderwijs in de kunsten, alsook met en/of vanuit de kunsten beoogd worden. Over de masterproef wordt gereflecteerd in een onderzoekspaper en tijdens een slotpresentatie voor peers, het werkveld en een jury van deskundigen.

Onderwijsorganisatie (tekst)

Zie Vademecum Masterproef Kunsteducatief Project

OLR-Leerdoelen (lijst)

Dit opleidingsonderdeel omvat de volgende leerdoelen:
Kan zijn lesmateriaal opbouwen vanuit verschillende ervaringen en zijn standpunt met collega's delen en integreren.
Beschrijft de beginsituatie van een groep in zijn projectvoorstel en reflectieverslag
Exploreert de mogelijkheid om, al dan niet in samenwerking met (een) andere student(en), interdisciplinair te werken met de eigen doelgroep.
Formuleert zelfgekozen doelstellingen in het projectvoorstel en stuurt ze bij in de loop van het project
Kiest en formuleert leerinhouden in het projectvoorstel om de noden van de doelgroep te bereiken
Plant het schema van het project naargelang de noden van de doelgroep.
Kan activiteiten voorbereiden en inhoud structureren om met de doelgroep subdoelen te bereiken.
Doelt er met de inhoud van het project ook op om een positieve werkgemeenschap te creëren.
Bereidt adequate inhoud om de individualiteit van alle groepsleden te omarmen.
Kan samenwerken met een partner of in teamverband voor een case study en is in staat opdrachten onderling te verdelen.
Zet een project op touw binnen een bestaande organisatie en communiceert met de interne coördinator over hoe te voldoen aan de noden van de doelgroep.
Is bewust van nieuwe trends en innovaties binnen de kunstwereld en past deze toe binnen zijn project.
Stimuleert de deelnemers tijdens hun project tot mondigheid, zelfstandigheid, eigen initiatief, verantwoordelijkheid en participatie.
Stimuleert de deelnemers tijdens hun project tot mondigheid, zelfstandigheid, eigen initiatief, verantwoordelijkheid en participatie.
Plant zijn project met aandacht voor gelijke kansen en de sociale noden van zijn doelgroep
Kan een onderzoeksvraag formuleren als startpunt van een kunsteducatief project en deze motiveren vanuit wetenschappelijke inzichten en de artistieke actualiteit.
Kan een onderzoeksvraag vertalen naar een eigen handelingsmethodologie in een kunsteducatief project, en de toegevoegde waarde van de eigen aanpak motiveren in relatie tot relevante wetenschappelijke en artistieke bronnen.
Is in staat op de onderzoeksbevindingen uit een kunsteducatief project te synthetiseren in relatie tot de initiële onderzoeksvraag
Kan een kunsteducatief project presenteren aan een jury van peers en experten, en is in staat om de eigen aanpak en keuzes gestoffeerd te verantwoorden.
Zet zijn/haar artistieke passie, vaardigheden en persoonlijkheid in om de leerlingen te inspireren en begeleiden in diens zoektocht naar de eigen artistieke passie en identiteit.

Leerinhoud

Zie Vademecum Masterproef Kunsteducatief Project

Studiematerialen (tekst): Verplicht

Vademecum masterproef kunsteducatief project
Reader
Trotter: opleidingsgids voor de Educatieve Master Muziek en podiumkunsten: dans

Studiematerialen (tekst): Aanbevolen

Ackroyd, J. (2006). Research Methodologies for Drama Education, Trentham Books
Addison, N., Burgess, L., Steers, J., Trowell, J. (2010). Understanding Art Education: Engaging Reflexivity with Practice. London/New York: Routledge.
Anderson, T., Gussak, D., Hallmark, K., & Paul, A. (2010). Art education for social justice. Reston, VA: National Art Education Association
Ball, L. (1990). What role: Artist or teacher? Art Education, 43(1), 54–59.
Bishop, C. (2012). Artificial Hells: Participatory Art and the Politics of Spectatorship, London/New York: Verso.
Bjorkvold, J.R. (1992). De Muzische Mens. Rotterdam: AD.Donker
Bresler, L. (ed.) (2007), International Handbook of Research in Arts Education, Dordrecht: Springer
Congdon, K.G. (2004). Community Art in Action, Worcester, Massachusetts: Davis Publications.
Dekeyser, B. (2010). Education through art, Kunst- en cultuureducatie als motor van leren.
Antwerpen: Garant.
Edwards, C., Gandini, L. & Forman, G. (red). (1998). De honderd talen van kinderen: De
ReggioEmilia-benadering bij educatie van jonge kinderen. Utrecht: SWP.
Eisner, E.W. & D. Day, M. (eds.). (2004). Handbook of Research and Policy in Art Education, Mahwah, NJ: Lawrence Erlbaum Associates
Graham, M. (2008). How the teaching artist can change the dynamics of teaching and learning. Teaching Artist Journal 7(2), 85–94
Fegan, T. (2003). Learning and Community Arts. Leicester: National Institute of Adult Continuing Education.
Finkelpearl, T. (2013). What we made: Conversations on art and social cooperation. Durham, NC: Duke University Press.
Fleming, M., Bresler, L., O’Toole, J. (eds). (2015). The Routledge International Handbook of the Arts and Education. London/New York: Routledge
Freeman, J. (2010). Blood, Sweat & Theory: Research through practice in performance. Faringdon: Libri Publishing.
Frieling, R. (2008). The Art of Participation. 1950 to Now. San Francisco: San Francisco Museum of Modern Art.
Garber, E. (2004). Social justice and art education. Visual Arts Research, 30(2), 4–22.
Gielen, P. & De Bruyne, P. (2011). Community Art. The Politics of Trespassing. Amsterdam: Valiz Antennae.
Hagenaars, P. & Lieftinck, J. (red). (2004) ‘Beroep: docent kunstvakken.Competenties en kwalificaties in theorie en praktijk’, In Cultuur + Educatie 11, Utrecht: Cultuurnetwerk Nederland.
Higgins, L. (2008). Growth, Pathways and Groundwork: community Music in the United Kingdom, International Journal of Community Music, 1 (1), 23-37.
Hoekstra, M. (2010). ‘Onderzoek naar de rol van de kunstenaar in Toeval Gezocht.’ In M. van Hoorn, (red.). Max Van der Kamp scriptieprijs 2009. In Cultuur+Educatie 27, p. 8 -28. Utrecht: Cultuurnetwerk Nederland.
Jackson, S. (2011). Social Works: Performing Art, Supporting Publics. New York: Routledge.
Kerremans, J. (ed.) S(O)AP. (2009). Spanningsvelden in de sociaal-artistieke praktijk, Brussel: Demos vzw.
Marshall, J. (2014). Transdisciplinarity and Art Integration. Toward a New Understanding of Art Based Learning across the Curriculum, Studies in Art Education, 55:2, 104-127
Matarasso, F. (2019). A Restless Art. How participation won and why it matters, London: Calouste Gilbankian Foundation.
Nagel, I. (2004). Cultuurdeelname in de levensloop. Proefschrift. Utrecht: Universiteit Utrecht.
O ́Farrell, L., Schonmann, S., & Wagner, E. (eds.) (2014). International Yearbook for Research in Arts Education 2/2014, Münster, Germany: Waxmann Verlag.
Parsons, M. (1987). How we understand art: A cognitive developmental account of aesthetic
experience. Cambridge-New York: Cambridge University Press.
Quinn, T., Hochtritt, L., & Ploof, J. (2012). Art and social justice education: Culture as commons. New York, NY: Routledge.
Strobbe, L. & Van Regenmortel, H. (2010). Klanksporen: Breinvriendelijk musiceren. Antwerpen:
Garant.
Taylor, P. (ed.) (2004 /1996). Researching Drama and Arts Education. Paradigms & Possibilities. London/New York: RoutledgeFalmer.
Twaalfhoven, A. (red.) (2007). Kunst en opleiding. Boekman, 73. Amsterdam: Boekmanstichting.
Trienekens, S. & Hillaert, W. (2015). Kunst in Transitie: Manifest voor participatieve kunstpraktijken, Brussel/Utrecht: Demos/CALL-XL.
Vandelacluze, S., Van Esch, J. &Waerts, J. (2009). Methodiek: kunst- en erfgoededucatie,
theorie en praktijk. Leuven: Mooss.
Van Steen, A. (2014). De sociaal-artistieke methodiek. Een etnografische studie naar repetitieprocessen van sociaal-artistieke praktijken. Onderzoeksrapport Universiteit Gent, Vakgroep Sociologie.
Vermeersch, L. & Vandenbroucke, A. (2011). Veldtekening cultuureducatie: Beschrijvende studie
met evaluatieve SWOT-analyse, HIVA-K.U.Leuven / Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media van de Vlaamse overheid, Leuven/Brussel.
Vogelezang, P. (2009). Handboek en Cultuurmonitor Pabo: De kwaliteit van cultuureducatie.
Utrecht: Cultuurnetwerk Nederland.
Woywod, C. & Deal , R. (2016), Art That Makes Communities Strong: Transformative Partnerships With Community Artists in K–12 Settings, Art Education, 69:2, 43-51.

Onderwijsorganisatie

Werkvormen
Artistieke praktijk250,00 uren
Vormen van groepsleren20,00 uren

Toetsing (lijst)

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
AcademiejaarAfstudeeropdracht90,00
AcademiejaarVaardigheidstoets artistiek permanent (Permanente evaluatie)10,00

Toetsing (tekst)

90% afstudeerproject
Voor de toetsvorm en voor het deelexamen afstudeerproject is geen tweede examenkans mogelijk.

10% permanente evaluatie
Verplichte aanwezigheid onderzoeksseminaries en intervisies.
De permanente evaluatie is zowel een toetsvorm als een deelexamen.
Bij minder dan 2/3 aanwezigheid in de onderzoeksseminaris en de intervisies krijgt de student 0/20 voor de toetsvorm en voor het deelexamen permanente evaluatie. Voor de toetsvorm en het deelexamen permanente evaluatie is geen tweede examenkans mogelijk.