Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Koninklijk Conservatorium Antwerpen
campus Desguinlei
Desguinlei 25 - 2018 Antwerpen
T +32 3 244 18 00 - F +32 3 238 90 17
conservatorium@ap.be
Algemene vakdidactiek improvisatie34352/1851/2021/1/67
Studiegids

Algemene vakdidactiek improvisatie

34352/1851/2021/1/67
Academiejaar 2020-21
Komt voor in:
  • Educatief graduaat in het secundair onderwijs (dans)
  • Educatieve master muziek en podiumkunsten
    Afstudeerrichting:
    • Dans
  • Verkorte educatieve bachelor muziek- en podiumkunsten
    Keuzeoptie:
    • Dans
  • Verkorte educatieve master muziek en podiumkunsten
    Afstudeerrichting:
    • Dans
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 3 studiepunten
Titularis: Van Huffel Filip
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Academiejaar
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 31.10.2020 (Academiejaar)
Tweede examenkans: wel mogelijk.
Delibereerbaarheid: Dit opleidingsonderdeel komt in aanmerking voor deliberatie onder de voorwaarden van de opleiding waarvoor je bent ingeschreven.
Totale studietijd: 90,00 uren

Volgtijdelijkheid

Op dit opleidingsonderdeel is er geen volgtijdelijkheid van toepassing.

Korte omschrijving

In de vakdidactiek improvisatie worden verschillende vormen van improvisatie geëxploreerd. Daarnaast wordt dieper ingegaan op het gebruik van improvisatie als educatieve tool.

OLR-Leerdoelen (lijst)

Dit opleidingsonderdeel omvat de volgende leerdoelen:
Begrijpt het belang om een beginsituatie in te schatten en kan deze benoemen.
Kiest, formuleert en structureert gepaste doelstellingen aan de hand van de beginsituatie en de doelgroep.
Kiest en formuleert lesmateriaal in functie van het niveau van de doelgroep en van het pedagogisch proces.
Bepaalt verschillende werkvormen en kan deze toepassen en realiseren naargelang de situatie en doelgroep.
Doet aan zelfreflectie, zelfevaluatie en peerfeedback en ontwikkelt een kritische ingesteldheid. Kan het proces bijsturen en actief naar oplossingen zoeken.
Integreert kennis van de volledige opleiding met oog op een verantwoorde en veilige werkpraktijk voor lichaam en geest.
Begrijpt het belang om een beginsituatie in te schatten en kan deze benoemen.
Kiest, formuleert en structureert gepaste doelstellingen aan de hand van de beginsituatie en de doelgroep.
Kiest en formuleert lesmateriaal in functie van het niveau van de doelgroep en van het pedagogisch proces.
Bepaalt verschillende werkvormen en kan deze toepassen en realiseren naargelang de situatie en doelgroep.
Creëert een motiverende leeromgeving en geeft voldoende aandacht aan de individuele ontwikkeling van de lerenden.
Heeft aandacht voor het mentale welbehagen van de leerlingen tijdens oefenlessen en microteaching. Zorgt voor een veilige werkpraktijk voor lichaam en geest.
Doet aan zelfreflectie, zelfevaluatie en peerfeedback en ontwikkelt een kritische ingesteldheid. Kan het proces bijsturen en actief naar oplossingen zoeken.
Bepaalt verschillende didactische methodologieën en kan deze toepassen en realiseren naargelang de situatie en doelgroep.
Kan "out of the box" denken en kan creatief omgaan met het lesmateriaal. Is geïnteresseerd in het wijdere werkveld en past resultaten van recente onderzoeken toe in zijn lesmaterialen.
Komt afspraken na, kan samenwerken en is goed georganniseerd. Kan samenwerken met kunstenaars van verschillende disciplines.
Creëert een positieve sfeer en gebruikt opbouwende communicatie. Zet zijn/haar artistieke passie, vaardigheden en persoonlijkheid in om de leerlingen te inspireren en begeleiden in diens zoektocht naar de eigen artistieke passie en identiteit.

Leerinhoud

• Observeren en interpreteren, ter discussie stellen en toepassen van nieuwe informatie
• Observatie en interpretatie niveau van de doelgroep
• Algemene doelstellingen en specifieke doelstellingen kiezen en formuleren als deel van een lesvoorbereiding.
• Leerinhouden selecteren voor diverse doelgroepen in gesimuleerde omgevingen
• Materiaal maken op basis van persoonlijke stijl en zijn keuze verantwoorden. Kan zijn oefening uitleggen, demonstreren en aanbrengen met gebruik van o.a. de juiste terminologie.
• Lesindeling en lesopbouw
• Gebruik maken van verschillende didaktische werkvormen
• Praktijk lesgeven aan elkaar en microteaching
• Muziekkeuze, werken en experimenteren met een pianist, ritme.
• Evalueren, verbeteren, foutenanalyse, feedback geven
• Sfeer in de les, taalgebruik, stemgebruik, beeldspraak
• Analyse en opbouw van de bewegingen
• Lesvoorbereiding maken, notatie van de oefeningen, taken indienen
• Variaties op één oefening, praktijk lesgeven aan elkaar, Micro Teaching
• Zelfevaluatie
• Gebruik van motivationele vaardigheden, plezierbeleving, passie
• Oefenlessen
• Aanwenden en tonen van de eigen artistieke identiteit en stimuleren van leerlingen om op zoek te gaan naar diens ‘unieke artistieke ik’.

Taken:
In functie van de lessen en het examen
Onderzoekstaak in verband met de huidige praktijk en de lessen
Lesobservatie en evaluatie

Studiematerialen (tekst): Verplicht

Cursusen via digitaal leerplatform

Onderwijsorganisatie

Werkvormen
Artistieke praktijk15,00 uren
Vormen van groepsleren30,00 uren
Werktijd buiten de contacturen45,00 uren

Toetsing (lijst)

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
AcademiejaarVaardigheidstoets hands off permanent (Permanente evaluatie)50,00
AcademiejaarVaardigheidstoets hands on50,00
Evaluatie(s) voor de tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Tweede examenperiodeVaardigheidstoets hands off100,00

Toetsing (tekst)

Permanente evaluatie 50%
Actieve inbreng tijdens de lessen en deelname aan opdrachten + schriftelijke taken uitgevoerd conform de opdracht.

Examen 50% :
Evaluatiecriteria:
De student maakt gebruik van vakdidactische inzichten, vaktaal tijdens de les.
De student kiest aangepast bewegingsmateriaal voor de betrokken doelgroep.
De student toont muzikaliteit bij het bewegingsmateriaal en in zijn begeleiding.
De student maakt gebruik van eigen materiaal en begeleidt dit met een aangepaste dynamiek in bewegingskwaliteit.
De student toont motiverende vaardigheden: hoe motiveer ik mijn leerlingen, hoe werk ik aan plezierbeleving, passie.
De student verwerkt de fundamenten van de danstraining in zijn lesgeefgedrag en haalt meerdere rollen aan zoals: vakman, onderzoeker, performer, samenspeler, maker.
De student ontwikkelt het bewegingsmateriaal (is er een logische opbouw?) resulterend in een leermoment (welk doel wil je bereiken?).
De student hecht belang aan de kwaliteit van de beweging.
De student gebruikt verschillende modaliteiten in instructie; beeldspraak, verbale instructie, demonstratie, lichaamsbewustzijn, tellen enz….

Er is een minimum van 2/3 aanwezigheid vereist.

De permanente evaluatie is zowel een toetsvorm als een deelexamen.
Bij minder dan 2/3 aanwezigheid in de lessen krijgt de student 0/20 voor de toetsvorm en voor het deelexamen permanente evaluatie. Voor de toetsvorm en het deelexamen permanente evaluatie is geen tweede examenkans mogelijk

Voorwaarden gewettigde afwezigheid:
- Een afwezigheid gestaafd door een medisch attest
- Een vooraf aangevraagde afwezigheid, goedgekeurd door het opleidingshoofd