Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen
campus Mutsaardstraat
Mutsaardstraat 31 - 2000 Antwerpen
T +32 3 213 71 00 - F +32 3 213 71 19
academie@ap.be
Specifieke kunstgeschiedenis beeld en ruimte 127469/2114/2122/1/51
Studiegids

Specifieke kunstgeschiedenis beeld en ruimte 1

27469/2114/2122/1/51
Academiejaar 2021-22
Komt voor in:
  • Bachelor in de beeldende kunsten, trajectschijf 1
    Keuzeoptie van afstudeerrichting:
    • Beeldhouwkunst binnen vrije kunsten
    • In Situ³ binnen vrije kunsten
  • Bachelor of Arts in Visual Arts
    Keuzeoptie van afstudeerrichting:
    • In Situ³ binnen Fine Arts
    • Sculpture binnen Fine Arts
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 3 studiepunten
Men kan dit opleidingsonderdeel enkel mits aparte toelating volgen binnen een
  • examencontract (met het oog op het behalen van een creditbewijs).
  • examencontract (met het oog op het behalen van een diploma).
Titularis: De Boodt Ria
Onderwijstalen: Engels, Nederlands
Kalender: Semester 2
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 15.03.2022 (2de semester)
Tweede examenkans: wel mogelijk.
Delibereerbaarheid: Voor dit opleidingsonderdeel moet je slagen (wordt nooit gedelibereerd).
Totale studietijd: 90,00 uren

Waarschuwing

Deze informatie is onder voorbehoud van de verdere evolutie van de Coronamaatregelen.

Volgtijdelijkheid

Op dit opleidingsonderdeel is er geen volgtijdelijkheid van toepassing.

Korte omschrijving

Specifieke kunstgeschiedenis beeld en ruimte 1 speelt in op de actualiteit van beeldhouwkunst en in situkunst, wil de student gerelateerde theoretische achtergrondkennis meegeven en is bovendien gerelateerd met de atelierpraktijk van de student.

Onderwijsorganisatie (tekst)

De cursus wordt opgevat als een evenwichtige combinatie van hoorcolleges, interactieve discussies, bezoeken in ter plaatse aan kunstwerken in de publieke ruimte en in musea. Sculpturen van de prehistorie tot en met vandaag komen aan bod en dit in de ruimst mogelijke betekenis. Centraal staat de relatie van sculpturen en hun omgeving of context.

Begincompetenties (tekst)

Diepgaande interesse in de kunstgeschiedenis van driedimensionale objecten en hun omgeving. De cursussen algemene kunstgeschiedenis verlenen de nodige achtergrond.

OLR-Leerdoelen (lijst)

BA2 - Over de nodige kennis, vaardigheden en inzichten beschikken inzake materiaal, vorm, handeling, concepten, functie en inhouden van het gekozen medium.
De student kent en begrijpt op beginnersniveau de relatie of mogelijke relaties tussen sculptuur en context.
De student kan een situatie (sculpturen in relatie tot hun omgeving) documenteren.
BA3 - Kennis en inzicht hebben en blijven ontwikkelen in de maatschappelijke, culturele, artistieke, historische en internationale context van de beeldende kunsten en de artistieke praxis.
De student begrijpt de aangereikte (inhoudelijke) probleemstellingen m.b.t. sculptuur en context.
De student kan individueel en in groep reflecteren over een concrete casus (sculptuur in relatie tot haar omgeving).
De student weet hoe een concrete casus (een sculptuur in relatie tot haar omgeving) benaderd kan worden.
BA5 - In het ontwikkelen van een eigen beeldtaal vertrekken van een zoekende en reflecterende houding.
De student kan individueel en in groep een situatie (sculpturen in relatie tot hun omgeving) analyseren.
De student kan schriftelijk en mondeling communiceren over driedimensionele beelden, daarbij gebruik makende van het daartoe geëigende jargon.
BA6 - Het karakteristieke van persoonlijke ontwerpen en/of realisaties vatten en op geëigende wijze communiceren.
De student kan spreken voor een publiek van peers.
De student kan zich uitdrukken in een driedimensionale beeldtaal en zowel als schriftelijk als mondeling communiceren met zijn peer group.
BA7 - Het eigen artistieke project kunnen organiseren in samenspraak met anderen. 
De student is in staat om binnen een beperkt tijdsbestek een opdracht te plannen, voor te bereiden, uit te voeren, en hierover schriftelijk (e-mail) en mondeling te communiceren met de opdrachtgever (docent).

Leerinhoud

Het opleidingsdeel wil een brugfunctie vervullen tussen de kunsthistorische, esthetische en museologische theorie en de dagelijkse atelierpraktijk van de student. De hedendaagse beeldhouwkunst- en in situ3-praktijk krijgen een specifiek historisch referentiekader waarbinnen de student zijn eigen werk en de ontwikkeling ervan leert situeren. Actuele gebeurtenissen zoals een interessante collectie of tentoonstelling, een nieuwsgebeuren of een studiereis met het atelier of in het kader van deze cursus worden rechtstreeks betrokken en van een theoretisch kader voorzien aangereikt door de docent. Van elke student wordt actieve participatie verwacht. Studenten kunnen suggesties doen om een specifiek onderwerp te behandelen in de les. Al naargelang wat elk onderwerp vereist, bestaat een les uit een gedeelte hoorcollege, activerende momenten zoals discussie, werkcollegemomenten en studiebezoeken.

Studiematerialen (tekst): Verplicht

Bij het begin van de cursus wordt het programma bekend gemaakt, aangezien het elk jaar varieert naargelang de actualiteit en de noodzaak zoals themata die deel uitmaken van atelieractiviteiten van de studenten. PowerPoint Presentaties met beeldmateriaal, tekst en bibliografie met vakliteratuur van elke les worden beschikbaar gesteld via het elektronisch leerplatform. Elke student krijgt een gedetailleerde beschrijving van de opdrachten op papier, inclusief een basisbibliografie en andere hulpmiddelen aangereikt.

Onderwijsorganisatie

Werkvormen
Hoor- en/of werkcolleges12,00 uren
Hoor- en/of werkcolleges2,00 uren
Werktijd buiten de contacturen64,00 uren

Toetsing (lijst)

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
Semester 2Reflectieopdracht50,00
Semester 2Projectopdracht50,00
Evaluatie(s) voor de tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Semester 2Reflectieopdracht50,00
Semester 2Projectopdracht50,00

Toetsing (tekst)

De student krijgt een duidelijk omschreven opdracht tot het samenstellen van een theoretisch artistiek dossier (5 examenpunten) en het schrijven van een paper (10 examenpunten) volgens bekendgemaakte criteria en tegen een afgesproken deadline. Hij/zij moet daarnaast tijdens de laatste les een geïmproviseerde mondelinge presentatie geven op een locatie in situ (5 examenpunten).
Semester 2: mondelinge presentatie, schriftelijke opdracht en mondeling examen (= feedback)
2de examenperiode: mondelinge presentatie, schriftelijke opdracht en mondeling examen (= feedback)