Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Gezondheid en Welzijn
campus Spoor Noord Noorderplaats
Noorderplaats 2 - 2000 Antwerpen
gw@ap.be
Praktijkverkenning32457/2149/2122/1/36
Studiegids

Praktijkverkenning

32457/2149/2122/1/36
Academiejaar 2021-22
Komt voor in:
  • Graduaat maatschappelijk werk (Antwerpen), trajectschijf 1
In andere opleidingen:
  • Graduaat maatschappelijk werk (Mechelen) als Praktijkverkenning
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 7 studiepunten
Co-titularis(sen): Boutchakate Samirah, Delpire Johan, De Raedemaecker Wies, Dobbelaere Jorn, El Faissouni Yassine, Engels Anouk, Geerdens Robrecht, Gondry Sarah, Heylen Clara, Marynissen Tinne, Peeters Wim, Perdaens Saf, Polak Robin, Possemiers Sanne, Proost Stefanie, Roelandts Marijke, Taverniers Jessi, Van Houtven Sarina, Verschaeren Edward, Vleugels Evelien, Wouters Leendert
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Semester 1 of Semester 2
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).

Waarschuwing

Deze informatie is onder voorbehoud van de verdere evolutie van de Coronamaatregelen.

Volgtijdelijkheid

Op dit opleidingsonderdeel is er geen volgtijdelijkheid van toepassing.
Tweede examenkans: niet mogelijk.
Delibereerbaarheid: Voor dit opleidingsonderdeel moet je slagen (wordt nooit gedelibereerd).
Totale studietijd: 196,00 uren

Korte omschrijving

Het olod Praktijkverkenning behandelt gesuperviseerd werkplekleren.
Het olod Praktijkverkenning bereidt voor op het professioneel functioneren in een beroepspraktijkorganisatie binnen de sector.

Praktijkverkenning kan, mits toelating van de toelatingscommissie, ook opgenomen worden in het eerste semester. 

OLR-Leerdoelen (lijst)

03: contact: Legt professioneel, respectvol en empathisch contact met de cliënt, het cliëntsysteem en andere relevante actoren.
De student legt vlot contacten op de werkplek.
De student neemt deel aan vergaderingen.
De student benoemt zijn/haar kwaliteiten tijdens de supervisie
De student vraagt feedback tijdens de supervisie
09: begeleiding: Begeleidt de cliënt en het cliëntsysteem doorheen het hulpverleningstraject en handelt daarbij op een methodische, agogisch verantwoorde wijze.
De student beschrijft in eigen woorden de visie, de missie, de werking en de doelstellingen van de organisatie.
De student benoemt de verschillende functies van de organisatie.
De student beschrijft de rol en de taak van de maatschappelijk/sociaal-cultureel werker in de praktijkorganisatie.
De student vraagt feedback op de werkplek
De student is empathisch in zijn communicatie op de werkplek
De student plaatst de leerwerkplek binnen de sociaal-culturele sector/het maatschappelijke werkveld
11: participatie: Stimuleert de cliënt en het cliëntsysteem tot actieve participatie aan de samenleving.
De student formuleert leerdoelen voor het volgende werkplekleren.
De student concludeert op basis van opgedane ervaring en door reflectie of de beroepspraktijk(organisatie) aansluit bij zijn/haar mogelijkheden en interesses.
De student stelt zichzelf bespreekbaar op tijdens supervisiemomenten.
De student formuleert relevante tips aangaande leervragen van medestudenten.
De student neemt een open houding aan tijdens functionerings- en evaluatiegesprekken op de werkplek.
De student zet plannen om in acties (en voert deze uit) tijdens de werkplek.
De student schetst de structuur en het organigram van de praktijkorganisatie.
De student handelt met de nodige discretie indien de situatie dit vereist tijdens de supervisie.
De student luistert open en actief tijdens de supervisie.
De student legt vlot contacten tijdens de supervisie.
De student toont engagement op de werkplek
De student aanvaardt positieve en negatieve feedback tijdens de supervisie
De student neemt een open houding aan tijdens functionerings- en evaluatiegesprekken tijdens de supervisie.
13: teamwork: Plant en organiseert de eigen activiteiten en werkt actief en constructief samen in multidisciplinair verband met alle relevante actoren.
De student heeft een positieve uitstraling naar cliënten, collega's en andere beroepskrachten.
De student handelt met de nodige discretie indien de situatie op de werkplek dit vereist.
De student aanvaardt positieve en negatieve feedback op de werkplek
De student benoemt zijn/haar kwaliteiten op de werkplek
De student toont engagement tijdens de supervisie
02: beroepsethisch: Handelt bewust binnen een beroepsethisch en wettelijk kader.
De student houdt zich aan afspraken tijdens de supervisie
04: stimuleert interactie: Stimuleert de cliënt en het cliëntsysteem tot interactie met de omgeving.
De student luistert open en actief op de werkplek.
De student houdt zich aan afspraken op de werkplek
01: grondhouding: Stelt de cliënt centraal, bevordert empowerment, emancipatie en sociale cohesie, uitgaande van de mensenrechten en met respect voor gelijkwaardigheid en diversiteit.
De student zet plannen om in acties (en voert deze uit) tijdens de supervisie.
De student is empathisch in zijn communicatie tijdens de supervisie

Leerinhoud

praktijkverkenning in het werkveld (120 uren):
• ontwikkelen van een professionele basishouding
• uitgaan van het profiel van de maatschappelijk werker
• observeren en proeven van de beroepspraktijk vanuit een goede basishouding
• persoonlijke en concrete leerdoelen en actiepunten formuleren voor de leerwerkplek van Beroepspraktijk A
• verantwoordelijkheid nemen voor het eigen leerproces

Studiematerialen (tekst): Verplicht

  • Info- en opdrachtenbundel Praktijkverkenning
  • Infogids Praktijkverkenning
  • Het cursusmateriaal zal digitaal ter beschikking worden gesteld.

Onderwijsorganisatie

Werkvormen
Vormen van groepsleren8,50 uren
Werkplekleren en/of stage120,00 uren
Werktijd buiten de contacturen67,50 uren

Toetsing (lijst)

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
AcademiejaarStage70,00
AcademiejaarPortfolio30,00