Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Koninklijk Conservatorium van Antwerpen
Algemene vakdidactiek Muziek32819/2862/2223/1/21
Studiegids

Algemene vakdidactiek Muziek

32819/2862/2223/1/21
Academiejaar 2022-23
Komt voor in:
  • Educatieve master muziek en podiumkunsten, trajectschijf 4
    Keuzeoptie van afstudeerrichting:
    • Accordeon binnen Muziek
    • Compositie binnen Muziek
    • Gitaar binnen Muziek
    • Hafabradirectie binnen Muziek
    • Instrument (jazz) binnen Muziek
    • Klavecimbel binnen Muziek
    • Koordirectie binnen Muziek
    • Orgel binnen Muziek
    • Orkestinstrument binnen Muziek
    • Piano binnen Muziek
    • Pianoforte binnen Muziek
    • Zang binnen Muziek
    • Zang (jazz) binnen Muziek
  • Verkorte educatieve bachelor muziek- en podiumkunsten
    Keuzeoptie:
    • Compositie
    • Instrument/Zang
    • Instrument/Zang (jazz)
  • Verkorte educatieve master muziek en podiumkunsten
    Keuzeoptie van afstudeerrichting:
    • Compositie binnen Muziek
    • Directie binnen Muziek
    • Instrument/Zang binnen Muziek
    • Instrument/Zang (jazz) binnen Muziek
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 6 studiepunten
Men kan dit opleidingsonderdeel niet volgen binnen een
  • examencontract (met het oog op het behalen van een creditbewijs).
  • examencontract (met het oog op het behalen van een diploma).
Titularis: De Boo Hilde
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Academiejaar
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 31.10.2022 (Academiejaar)
Tweede examenkans: wel mogelijk.
Delibereerbaarheid: Voor dit opleidingsonderdeel moet je slagen (wordt nooit gedelibereerd).
Totale studietijd: 180,00 uren

Waarschuwing

Deze informatie is onder voorbehoud van de verdere evolutie van de Coronamaatregelen.

Volgtijdelijkheid

Op dit opleidingsonderdeel is er geen volgtijdelijkheid van toepassing.

Korte omschrijving

In Algemene Vakdidactiek Muziek leer je zelfstandig en inspirerend voor een klasgroep te staan, aan de hand van een waaier aan vaardigheden waarmee je basiscompetenties en -kennis bij leerlingen in een grotere klasgroep kan ontwikkelen.
Het nieuwe decreet voor het DKO dient daarbij als leidraad om mogelijke speerpunten voor Muzikale Culturele Vorming binnen de tweede graad te onderzoeken, en om deze creatief en doeltreffend uit te werken voor een groep jongeren, tieners of volwassenen.
Er wordt geëxperimenteerd met verschillende werk- en spelvormen, die je verder uitwerkt binnen micro-teachings én in de reële klaspraktijk in een academie.

Ook wordt er gefocust op het geven van een theoretisch vak in het kunstonderwijs. Dit vraagt een heel andere aanpak van de klasgroep. We gaan niet dieper in op de academische kennis van de leerstof maar wel op de didactische aanpak. Verschillende werkvormen worden aangereikt om op een dynamische manier een theoretisch vak te geven.

Onderwijsorganisatie (tekst)

Groepslessen
Micro-teaching
Oefenlessen

OLR-Leerdoelen (lijst)

Dit opleidingsonderdeel omvat de volgende leerdoelen:
Analyseert de beginsituatie (muzikale basiskennis en -vaardigheden) van een klasgroep.
Kiest en/of maakt leerinhouden die relevant zijn voor de te behalen doelstellingen binnen de leerplannen Klanklab en MCV  (DKO), Algemene Muziekleer (KSO) en Muzikale Opvoeding (SO).
Formuleert doelstellingen op basis van leerplannen van de vakken Klanklab en MCV  (DKO), Algemene Muziekleer (KSO) en Muzikale Opvoeding (SO).
Stelt op een creatieve manier doelgerichte (luister-)oefeningen op voor een les Klanklab en MCV (DKO), Algemene Muziekleer (KSO) en Muzikale Opvoeding (SO) en stelt (luister-)opdrachten op. 
Hanteert en stuurt groepsdynamische processen en maakt gebruik van specifieke vakdidactische tools en leermiddelen tijdens de microteaching.
Crëert tijdens de microteaching een optimale leeromgeving met aandacht voor de verschillende vaardigheidsniveaus en persoonlijkheidskenmerken van de leerling.
Past de verworven vakdidactische kennis en vaardigheden toe tijdens de microteaching, met bijzondere aandacht voor individuele én groepsgerichte remediëring tijdens de oefeningen.
Stimuleert de leerlingen tijdens microteaching tot zelfstandigheid, kritisch denken en mondigheid
Kent representatieve stijlen en genres en kan deze linken aan exemplarische en illustratieve luistervoorbeelden.
Werkt een lesvoorbereiding Klanklab en MCV (DKO), Algemene Muziekleer (KSO) en/of Muzikale Opvoeding (SO), met aandacht voor een evenwichtige behandeling van alle muzikale basisaspecten over een langere tijdsspanne. 
Onderzoekt de functie en relevantie van de leraar MO, AML, MCV en Klanklab in het onderwijs, de maatschappij en het artistieke veld.
Is in staat vanuit analyse voor de leerinhoud gepaste cognitieve, motorische en/of affectieve doelstellingen te formuleren en hieraan leerinhouden te koppelen.
Kan leerinhouden naar leeractiviteiten vertalen en structureert deze in een logische en betekenisvolle opbouw.
Is in staat om nieuw verworven inzichten en vaardigheden toe te passen op diverse momenten van diens leerproces en het leerproces van de lerende.
Is in staat om een les of lesgeheel gestructureerd voor te bereiden en goed op te bouwen, met aandacht voor diverse klassituaties.
Gebruikt specifieke kennis binnen zowel de eigen discipline als vanuit andere disciplines in de opzet en uitwerking van de artistiek-educatieve praktijk.
Reflecteert op zijn eigen lespraktijk, is in staat om peerfeedback te geven binnen de leergemeenschap.
Zet artistieke passie, vaardigheden en persoonlijkheid in om de leerlingen te inspireren en begeleiden in diens zoektocht naar de eigen artistieke passie en identiteit.
Kan vanuit observatie en reflectie elementen benoemen en duiden die – rekening houdend met diverse aspecten van de beginsituatie – van invloed zijn op het didactisch handelen.
Creëert werkvormen rond specifieke doelstellingen voor bepaalde doelgroep.
Handelt ‘out of the box’ en gaat creatief om met het lesmateriaal.

Leerinhoud

  • Observatie en interpretatie van reële leeromgevingen én van gesimuleerde casussen.
  • Maken en uitwerken van oefenlesvoorbereidingen, oefeningen, werkblaadjes en jaarplannen, rekening houdend met een realistische timing.
  • Analyse van bestaande leerplannen Klanklab en MCV (DKO), Algemene Muziekleer (KSO) en Muzikale Opvoeding (SO) + formulering van doelstellingen voor deze vakken op basis van de leerplannen.
  • Maken en uitwerken van activerende oefenlesvoorbereidingen die het muzikale voorstellingsvermogen ontwikkelen.
  • Microteachings op basis van uitgewerkte oefenlesvoorbereidingen.
  • Microteaching, na reflectie over de aspecten van een krachtige leeromgeving en heterogeniteit binnen een leergroep MO, Klanklab, MCV en/of AML.
  • Microteaching, na reflectie en input over de vakdidactische remediërende tools.
  • Microteaching, na reflectie over methodieken, emoties & persoonlijkheid, sociale, pedagogische en artistieke context.
  • Reflectie over zinvol domeinoverschijdend werken, met toepassing van deze inzichten in de voorbereiding van een lesonderdeel.
  • Maken en uitwerken van oefenlesvoorbereidingen, rekening houdend met een realistische timing.
  • Reflectie over het belang van de vakken Klanklab en MCV (DKO), Algemene Muziekleer (KSO) en Muzikale Opvoeding (SO) binnen het (kunst)onderwijs, de maatschappij en het artistieke veld. Formulering van eigen mening als basis voor discussie. 
  • Aanwenden en tonen van de eigen artistieke identiteit en stimuleren van leerlingen om op zoek te gaan naar diens ‘unieke artistieke ik’
  • Kan specifieke kennis toegankelijk maken voor diverse doelgroepen ia aangepaste didactische oefeningen en werkvormen.
  • Kan vanuit cases zijn instructietaal aanpassen aan de te bereiken doelen.
  • Werkt lessenreeksen uit voor verschillende doelgroepen, initiërend en verbredend/verdiepend.
  • Maken van lesvoorbereidingen, geven van feedback binnen de leergemeenschap, kunnen reflecteren op de eigen voorbereidingen.
  • Kan binnen de werkvormen afwisseling maken tussen een omschrijvende of reflectieve component, een inspirerende component en een activerende component. Kan kennis integreren als waardevolle component.


Onderwijsorganisatie

Werkvormen
Hoor- en/of werkcolleges17,50 uren
Practicum en/of oefeningen17,50 uren
Werkplekleren en/of stage6,00 uren
Werktijd buiten de contacturen139,00 uren

Toetsing (lijst)

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
AcademiejaarKennis- en inzichtstoets permanent tijdens de lesweken (Permanente evaluatie)50,00
AcademiejaarVaardigheidstoets in de examenreeks50,00
Evaluatie(s) voor de tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Tweede examenperiodeKennis- en inzichtstoets in de examenreeks100,00

Toetsing (tekst)

Evaluatiecriteria:
De student die tijdens de permanente evaluatie blijk geeft van de gevraagde attitudes (zie eindcompetenties) en tijdens de 'hands on' en deel examens in voldoende mate de vereiste kennis en vaardigheden (zie eindcompetenties) kan aantonen is geslaagd.
De graad wordt bepaald door de mate waarin de doelstellingen zijn behaald.

Er is een minimum van 2/3 aanwezigheid vereist.

De permanente evaluatie is zowel een toetsvorm als een deelexamen.
Bij minder dan 2/3 aanwezigheid in de lessen krijgt de student 0/20 voor de toetsvorm en voor het deelexamen permanente evaluatie. Voor de toetsvorm en het deelexamen permanente evaluatie is geen tweede examenkans mogelijk

Voorwaarden gewettigde afwezigheid:
- Een afwezigheid gestaafd door een medisch attest
- Een vooraf aangevraagde afwezigheid, goedgekeurd door het opleidingshoofd.