Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Gezondheid en Wetenschap
TAB 4.1 Farmacologie28422/3675/2627/1/95
Studiegids

TAB 4.1 Farmacologie

28422/3675/2627/1/95
Academiejaar 2026-27
Komt voor in:
  • Bachelor in de verpleegkunde, trajectschijf 4
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 3 studiepunten
Titularis: Hereygers Nicky
Andere co-titularis(sen): Ceuleers Hannah, Present Evy, Van der Linden Eva, Wildiers Anja
Co-titularis(sen) zijn nog niet (allemaal) gekend.
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Semester 1
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 01.12.2026 (Academiejaar)
Tweede examenkans: wel mogelijk.
Delibereerbaarheid: Voor dit opleidingsonderdeel moet je slagen (wordt nooit gedelibereerd).
Totale studietijd: 75,00 uren

Volgtijdelijkheid

Op dit opleidingsonderdeel is er geen volgtijdelijkheid van toepassing.

Korte omschrijving

In dit opleidingsonderdeel maken studenten kennis met essentiële farmacologische principes en de toepassing ervan in diverse verpleegkundige contexten. De lessen worden gegeven door drie verschillende docenten, elk met hun eigen expertise. Er is een afwisseling tussen online en on-campus lessen. Tijdens deze lessen komt een breed gamma aan onderwerpen aan bod zoals farmacologische basisgegevens, polyfarmacie, generieke geneesmiddelen en andere. De focus ligt op inzicht in werkingsmechanismen, indicaties, bijwerkingen en verpleegkundige aandachtspunten, met het oog op een veilig en doordacht gebruik van geneesmiddelen in de verpleegkundige praktijk, zowel bij volwassen als pediatrische patiënten.

Contact olodverantwoordelijke: mevr. Hereygers

OLR-Leerdoelen

1. Opbouwen - 3. Omgaan met relevante informatie (eigen ervaring, wetenschappelijke evidentie, wetgeving, verpleegkundige diagnostiek en eigenschappen van de zorgvrager) voor de opbouw van een zorgsituatie.
De student kan zijn capaciteit van kritisch denken toepassen en hanteert een systematische aanpak voor de oplossing van problemen en het nemen van verpleegkundige beslissingen aan de hand van concrete casuïstiek. (1.3.A.1) (niveau 3)
De student kan de begrippen farmacodynamiek, farmacokinetiek en polyfarmacie uitleggen aan de hand van concrete voorbeelden. (1.3.A.1) (niveau 3)
De student kan het begrip psychofarmaca benoemen en uitleggen aan de hand van concrete voorbeelden. (1.3.A.1) (niveau 3)
De student kan de mogelijke pijnladders en medicatie bespreken bij volwassene en kinderen. (1.3.A.1) (niveau 3)
De student kan de pediatrische begrippen betreffende farmacologie omschrijven en toepassen binnen casuïstiek. (1.3.A.1) (niveau 3)
De student kan beschrijven waarom corticosteroïde en immunomodulatoren worden toegediend. (1.3.A.1) (niveau 3)
De student kan de verschillende toedieningswegen van medicatie bij de pediatrische patiënt benoemen. (1.3.A.1) (niveau 3)
De student kan de kwaliteit, veiligheid en doeltreffendheid evalueren van de verpleegkundige zorg op basis van indicatoren en aanbevelingen van uit zijn farmcologische kennis. (1.3.A.1) (niveau 3)
2. Realiseren - 2. Toepassen van beroepsspecifieke handelingen ifv het opgestelde systematische zorgplan
De student kan in een concrete casus de verschillende toedieningswegen voor pijnmedicatie beschrijven en toepassen. (2.2.A.1) (niveau 3)
De student kan gebruik maken van kritisch denkvermogen en klinische redeneren bij het planningsproces van de zorgverlening, op basis van zijn kennis van verpleegkundige - farmacologische wetenschappen. (2.2.A.1) (niveau 3)
De student kan streven naar farmacologische kwaliteit van zijn beroepsuitoefening en de veiligheid van patiënten. (2.2.A.1) (niveau 3)
De student kan zorg verlenen conform de professionele aanbevelingen, het gezondheidsbeleid, de protocollen en institutionele procedures betreffende farmacologie. (2.2.A.1) (niveau 3)
2. Realiseren - 3. Handelen vanuit relevante informatie ( 8 basisprincipes, eigen ervaring, wetenschappelijke evidentie, wetgeving, verpleegkundige diagnostiek en eigenschappen van de zorgvrager) voor de uitvoering van de zorgsituatie.
De student kan de mogelijke intoxicaties en bijhorende antidota benoemen. (2.3.A.1) (niveau 3)
De student kan dosages van medicatie berekenen (volwassene en pediatrische). (2.3.A.1) (niveau 3)
De student kan in een concrete casus de symptomen van urgente pathologieën herkennen en aangeven welke medicaties toegediend kunnen worden. (2.3.A.1) (niveau 3)
De student kan uitleggen hoe intoxicaties ontstaan en op welke manier de toxische stof wordt uitgescheiden. (2.3.A.1) (niveau 3)
De student kan objectieve, subjectieve, nauwkeurige en relevante gegevens verzamelen via concrete casuïstiek. (2.3.A.1) (niveau 3)
De student kan verzamelen van gegevens om de kwaliteit en doeltreffendheid van de verpleegkundige farmacologische zorg te evalueren. (2.3.A.1) (niveau 3)

Leerinhoud

In dit opleidingsonderdeel komen volgende leerinhouden aan bod:

  • Farmacologische gegevens, polyfarmacie en generieken
  • Psychofarmaca
  • Medicatie ivm het hormonaal stelsel
  • Middelen ivm immuniteit
  • Pijn bij volwassen en pediatrische patiënten
  • Medicatie bij de pediatrische patiënt
  • Geneesmiddelen bij kinderwens, zwangerschap en borstvoeding
  • Intoxicaties
  • Medicatie bij urgenties

Studiematerialen

cursus UniversitasVerplicht
DigitapVerplicht

Onderwijsorganisatie

Dagtraject
Hoor- en/of werkcolleges (dagtraject)24,00 uren
Werktijd buiten de contacturen (dagtraject)49,00 uren
Examentijd
Voorziene tijd voor toetsing2,00 uren
Flexibel traject
Hoor- en/of werkcolleges (flexibel traject)7,00 uren
  • Duur: Semester
Werktijd buiten de contacturen (flexibel traject)66,00 uren

Toetsing

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
Eerste examenperiodeKennis- en inzichtstoets in de examenreeks100,00Digitale toetsing met (casusgerelateerde) inzichts- en kennisvragen. De toets bestaat uit zowel open als multiplechoicevragen zonder giscorrectie.
Evaluatie(s) voor de tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Tweede examenperiodeKennis- en inzichtstoets in de examenreeks100,00Digitale toetsing met (casusgerelateerde) inzichts- en kennisvragen. De toets bestaat uit zowel open als multiplechoicevragen zonder giscorrectie.

Toetsing (vervolg)

  • Digitale toetsing aan de hand van (casusgerelateerde) inzichts‑ en kennisvragen.
  • Het examen omvat een mix van open en multiplechoicevragen, waarbij geen giscorrectie wordt toegepast.
  • Puntenverdeling (100%)
    • Leerinhoud van mevr. Ceuleers (42,5%)
    • Leerinhoud van mevr. Hereygers (22,5%)
    • Leerinhoud van mevr. Present (30%)
    • Medicatieberekeningen volwassenen (2,5%) + pediatrie (2,5%)
  • Maximale duurtijd examen: De totale examentijd bestaat uit de voorziene tijd inclusief ¼ extra examentijd voor alle studenten. De extra examentijd als individuele aanpassing is hierbij dus inbegrepen.
  • Evaluatieregel: Voor het behalen van dit opleidingsonderdeel moet de student minstens 10/20 behalen op 2 van de 4 examenonderdelen. Wanneer een student op 2 of meer onderdelen minder dan 10/20 behaalt, wordt het eindcijfer herleid tot 50% van de behaalde totaalscore en kan de student niet slagen voor het opleidingsonderdeel.