Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Onderwijs en Training
MU Artistieke vorming B43201/3589/2627/1/44
Studiegids

MU Artistieke vorming B

43201/3589/2627/1/44
Academiejaar 2026-27
Komt voor in:
  • Educatieve bachelor in het secundair onderwijs, trajectschijf 1
    Keuzeoptie:
    • Muzikale Opvoeding
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 3 studiepunten
Co-titularis(sen): Rymen Tine, Schampheleer Stefaan, Vertommen Lore
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Semester 2
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 15.03.2027 (2de semester)
Tweede examenkans: wel mogelijk.
Delibereerbaarheid/tolereerbaarheid: Dit opleidingsonderdeel komt in aanmerking voor deliberatie/tolerantie onder de voorwaarden van de opleiding waarvoor je bent ingeschreven.
Totale studietijd: 150,00 uren

Volgtijdelijkheid

Op dit opleidingsonderdeel is er geen volgtijdelijkheid van toepassing.

OLR-Leerdoelen

Diepgaande vakinhoudelijke expertise en brede domeinkennis
De student kent vaktaal om adequaat kunstwerken en de persoonlijke beleving ervan te omschrijven en ontwerpt hiervoor kijkwijzers.
De student kent de chronologie en de representatieve stijlperiodes van de Westerse muziek (met genres als pop/rock , jazz, klassiek) en de wereldmuziek.
De student formuleert zinvolle en gerichte luisteropdrachten die het ‘actief’ luisteren stimuleren met kwalitatieve en toonaangevende uitvoeringen/opnamen.
De student analyseert en benoemt de muzikale parameters (klankkleur, klanksterkte, melodie, ritme, samenklank, structuur, tempo, vorm).
De student vertaalt luisterfragmenten in  ‘actieve’ opdrachten (componeren, reciteren, klappen, zingen, bewegen, musiceren).
De student ontwerpt met muzikale bouwstenen om te componeren.
De student gebruikt muzikale bouwstenen om te improviseren.
De student past de principes van muziekleer adequaat toe om te arrangeren.

Leerinhoud

In kunst- en muziekgeschiedenis verwerf je een beknopte leidraad van kunstgeschiedenis, een overzicht van de Westerse muziek (pop, rock, jazz, klassiek) en wereldmuziek. Je leert een analyse van de muzikale parameters adhv luistervoorbeelden en hanteert de volgende didactische tools correct: kijk- en luisterwijzers, adjectiefklok, tijdlijn, bronnen.

Bij Creëren komen de volgende muzikale gedragsvormen aan bod: componeren, improviseren en arrangeren. Je leert muziek creëren en uitwerken met muzieksoftware en digitale tools. Je werkt met harmonische schema’s, songwriting en arrangementen en zet ideeën om in een uitvoerbare partituur en performance.

Studiematerialen

Cursus op DigitapVerplicht

Onderwijsorganisatie

Dagtraject
Hoor- en/of werkcolleges (dagtraject)21,00 uren
Werktijd buiten de contacturen (dagtraject)54,00 uren
Flexibel traject
Hoor- en/of werkcolleges (flexibel traject)12,00 uren
Werktijd buiten de contacturen (flexibel traject)63,00 uren

Toetsing

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
Eerste examenperiodeVaardigheidstoets permanent tijdens de lesweken (Permanente evaluatie)65,00Opdracht kunst- en muziekgeschiedenis, T. Rymen
Eerste examenperiodeVaardigheidstoets permanent tijdens de lesweken (Permanente evaluatie)35,00Opdracht creëren, S. Schampheleer
Evaluatie(s) voor de tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Tweede examenperiodeOnderzoeksopdracht65,00Opdracht kunst- en muziekgeschiedenis, T.Rymen
Tweede examenperiodeProjectopdracht35,00Deelopdracht creëren, S. Schampheleer

Toetsing (vervolg)

Aanwezigheid tijdens de lessen is aangewezen voor dit opleidingsonderdeel aangezien actieve participatie in de lessen nodig is om ervoor te zorgen dat de student de beoogde competenties voldoende ontwikkelt. Elke afwezigheid tijdens een aangekondigd presentatie - of evaluatiemoment dient gewettigd te worden.

De evaluatie voor dit opleidingsonderdeel bestaat uit 2 deelexamens. Als de student in de eerste examenperiode voor dit opleidingsonderdeel als geheel niet slaagt, maar voor één deelexamen een deelcijfer behaalt dat ten minste 10 op 20 bedraagt, dan wordt dit deelcijfer overgedragen naar de tweede examenperiode en moet de student dit deelexamen niet opnieuw afleggen in de tweede examenperiode. Het deelexamen waarvoor de student in de eerste examenperiode minder dan 10 op 20 behaalde, moet hij wel opnieuw afleggen in de tweede examenperiode.